De mooiste Nationale Parken van Thailand: Van jungle tot kalksteenrotsen
Je staat midden in de jungle. Het vocht kleeft aan je huid, het geluid van krekels is oorverdovend en ergens verderop hoor je het geluid van een waterval.
Of je bent net aan het snorkelen bij een onbewoond eiland, met zachte koraalriffen onder je. Dit is Thailand op zijn best. Maar waar begin je?
Het land heeft meer dan 100 nationale parken, en dat maakt het kiezen soms best lastig.
Daarom heb ik deze lijst voor je samengesteld. Zodat je precies weet waar je naartoe moet voor de meest adembenemende natuur.
Wat zijn nationale parken eigenlijk?
Een nationaal park is een stuk natuur dat door de overheid beschermd wordt. Het idee is simpel: we willen deze plekken behouden voor de toekomst.
Zodat de dieren veilig zijn en de bossen niet worden platgebrand voor nieuwe hotels. In Thailand betekent dit vaak dat je te maken hebt met twee soorten parken: de 'nationale parken' (met bergen en jungle) en de 'marine parken' (met water en koraal). Beide soorten vind je in deze lijst.
Waarom zou je hierheen gaan tijdens je Thailand vakantie? Omdat het de drukte van steden als Bangkok even doet vergeten.
Het is de plek waar je echt tot rust komt. Bovendien steun je met je entreegeld de bescherming van de natuur. Een win-win situatie dus.
Khao Sok National Park: De oer-jungle
Als er één plek is die je móét bezoeken, dan is het Khao Sok wel. Dit park ligt in het zuiden van Thailand, tussen Krabi en Phuket in.
Het is hier groener dan groen. De bomen zijn zo hoog dat je de zon soms amper ziet.
Khao Sok is huis aan de zeldzame Rafflesia, de grootste bloem ter wereld. Die ruikt trouwens niet bepaald lekker, maar het is wel een unieke ervaring. De ster van het park is het Cheow Lan meer.
Dit meer is aangelegd door een dam, maar inmiddels voelt het alsof het er altijd al was. Je huurt een longtailboot en vaart tussen de kalkstenen rotsen door. Die rotsen steken soms wel 300 meter de lucht in. Je kunt hier overnachten in een van de drijvende bungalows.
Je valt in slaap met het geluid van de jungle en wordt wakker met mist over het water.
Een ticket voor het park kost ongeveer 300 baht (€8) voor buitenlanders. Een tour naar het meer inclusief eten en slapen? Reken op zo’n 1500 tot 2500 baht (€40 - €65) per persoon voor een dag of twee.
Khao Yai National Park: De klassieker
Khao Yai is het eerste nationaal park van Thailand en ligt op maar een uurtje rijden van Bangkok. Het is een perfecte bestemming als je niet te ver wilt reizen.
Het park is groot (het formaat van Singapore!) en heeft een koeler klimaat. Ideaal voor een frisse neus. Je kunt hier makkelijk wildlife spotten.
Denk aan wilde olifanten, beren en herten. Zelfs de beruchte King Cobra leeft hier, al zul je die niet snel tegenkomen.
De meeste backpackers bezoeken Khao Yai voor de watervallen. De Haew Suwat-waterval is wereldberoemd omdat-ie te zien was in de film ‘The Beach’ met Leonardo DiCaprio. Je kunt er gewoon naast staan (niet vanaf springen, trouwens). Voor een dagtrip betaal je 400 baht (€11) entree.
Als je met een groep reist, is een gids handig, want de dieren zijn soms ver weg. Een privéchauffeur met gids voor een dag kost rond de 3000 baht (€80). Dat deel je dan weer met je reisgenoten.
Erawan National Park: De zeven lagen van de hemel
Ben je in de buurt van Kanchanaburi? Dan mag je de zeven niveaus van Erawan niet overslaan.
Het park is vernoemd naar de drie hoofden van de Hindoese olifantengod Erawan. De attractie hier is de Erawan waterval. Dit is geen simpele plens water, maar een serie van zeven verdiepingen (lagen).
Elke laag heeft een eigen vijver waar je in kunt zwemmen. Het water is helderblauw en verfrissend, vooral als het warm is.
De onderste laag is het mooist, maar ook het drukst. Tip: begin vroeg in de ochtend om de massa voor te zijn. De rotsen zijn soms spekglad door het mos, dus draag goede waterschoenen. Je betaalt 300 baht (€8) entree.
Het park ligt een stuk buiten de stad, dus een scooter huren of een songthaew (open pickup-taxi) nemen is de beste optie. Reken op ongeveer 500 baht (€13) voor een scooter voor een hele dag.
Doi Inthanon: Het dak van Thailand
Wil je het koude noorden ontdekken? Ga dan naar Doi Inthanon.
Dit is het hoogste punt van Thailand (2565 meter). Bovenaan is het soms zelfs koud (rond de 10-15 graden), dus neem een trui mee. Het park is anders dan de jungle in het zuiden.
Het is hier meer mistig en bewolkt, met eucalyptusbomen en theevelden. Je kunt hier prachtige hikes maken door de wolkentunnel.
Er zijn makkelijke paden, maar ook zwaardere trektochten van een paar dagen. Het wildlife is anders; denk aan vogels in plaats van olifanten. Er zijn hier wel 400 soorten vogels te vinden. De entree kost 300 baht (€8).
Als je een scooter huurt in Chiang Mai (de dichtstbijzijnde stad), ben je ongeveer 200 baht (€5,50) per dag kwijt. Let wel op: de wegen zijn bochtig en soms mistig.
Similan Islands: Onderwaterparadijs
Even geen jungle meer? Dan zijn de Similan Islands jouw plek.
Dit is een groep van 9 eilanden in de Andamanse Zee, ten westen van Phuket. Het is een marine park, wat betekent dat het draait om koraal en vis.
Het water is hier kraakhelder en blauw. Het is één van de beste plekken ter wereld om te duiken en snorkelen. Je ziet hier schildpadden, roggen en kleurrijke vissen. Het is alleen niet zomaar te bezoeken.
De eilanden zijn alleen open van half-oktober tot half-mei. Buiten dat seizoen is het park gesloten om de natuur te herstellen.
Je kunt een dagtrip boeken vanuit Khao Lak of Phuket. Een boottocht inclusief snorkelen kost ongeveer 2500 baht (€65). Wil je duiken of zoek je een ander avontuur in de jungle? Dan betaal je meer, rond de 4000 baht (€105). Boek dit ruim van tevoren, want de plekken zijn beperkt en het is extreem populair.
Praktische tips voor jouw avontuur
Om je reis soepel te laten verlopen, hier wat concrete tips. Deze zijn bedoeld voor backpackers en reizigers die op budget reizen.
- Entreebewijzen: Houd contant geld bij de hand. Niet overal werken pinautomaten. Een budget van 300-400 baht per park is een goede schatting.
- Transport: In het noorden (Chiang Mai) kun je makkelijk een scooter huren (vanaf 200 baht/dag). In het zuiden (Khao Sok) is een longtailboot of georganiseerde tour vaak nodig.
- Uitrusting: Neem muggenspray met DEET. In de jungle zijn muggen fanatiek. Een goede wandelschoen is essentieel voor rotsachtige paden.
- Veiligheid: Blijf op de paden. In Khao Sok zijn beren en slangen, maar die vluchten meestal als ze je horen aankomen. Draag altijd een EHBO-kitje.
- Accommodatie: Buiten de parken slapen is goedkoper. Zoek naar hostels in de dichtstbijzijnde dorpen. In Khao Sok slapen op het water is duurder (€20-€40 per nacht), maar een ervaring apart.
Thailand heeft zoveel te bieden naast de stranden. Of je nu gaat voor een avontuurlijke jungle trekking op Koh Chang, of wilt afkoelen bij een waterval, er is altijd wel een park dat bij je past. Het draait allemaal om respect voor de natuur.
Neem je afval mee terug en geniet met volle teugen. De parken wachten op je.